Wanneer je op vakantie naar Polen gaat, moet je zeker een bezoek brengen aan Krakau. Hier vind je een enorme rijkdom aan cultuurschatten en leer je ontzettend veel over de geschiedenis van Polen. Het is een schitterende stad met als hoogtepunten het koninklijke kasteel en de Wawelkathedraal. Beiden bevinden zich op een heuvel, maar zijn de kleine beklimming meer dan waard. Het kasteel werd vanaf de 11e eeuw gebruikt om koningen te kronen en in de kathedraal werden ze tenslotte begraven. Dit ging door tot ongeveer 1750. Heel bekend onder de Poolse bevolking is de legende van de draak van Wawel.

De draak van Wawel

Tijdens de heerschappij van koning Krak woonde er in de grot onder het kasteel een draak. Elke week een koe, was zijn eis. Gebeurde dit niet, dan at hij de bewoners van Krakau op. Afschuwelijk, want er waren iedere week minder koeien en wat als de koeien op waren? Gelukkig kwam er op een dag een jonge schoenmaker in het dorp die dapper genoeg was om de draak te bestrijden. De jongeman slaagde erin, door middel van een slimme truc, om de draak te vullen met zwavel en water, zodat deze ontplofte. De mensen waren bevrijd van dit afschuwelijke monster en de schoenmaker wordt tot op de dag van vandaag vereerd. De grot van de draak is onder het kasteel nog altijd te vinden en te bezoeken. Bij de ingang van de kathedraal hangt een bot waarvan gezegd wordt dat dit het enige overblijfsel van de draak is.

Een stukje geschiedenis

De eerste nederzettingen van Krakau zijn echt al heel oud. Ergens in de 7e eeuw ontstond er op deze plaats een groot machtscentrum onder leiding van de Vistulastam. In 1320 werd Krakau de hoofdstad van Polen. De glorietijd van dit gedeelte van Polen was echter tijdens de Middeleeuwen en de Renaissance. Dit werd minder toen Warschau in 1595 de nieuwe hoofdstad werd. Het hoogtepunt van Krakau is de heuvel de Wawel met daarop het gelijknamige kasteel en de kathedraal. In de kathedraal liggen, naast heel wat koningen, nogal wat befaamde dichters en politici begraven.

Wat is er te zien en te doen

De Wawelkathedraal is gebouw in de 14e eeuw en bevat prachtige stenen sarcofagen. In het midden van de kathedraal vind je een zilveren kist waarin de overblijfselen van bisschop St. Stanislaus bewaard worden. Iets wat je zeker niet moet nalaten tijdens een bezoek aan Wawel is het beklimmen van de Sigismund toren. Op deze manier kun je de beroemde Sigismund klok, een geschenk van koning Zygmunt Stary, bewonderen. De klok weegt maar liefst 12 ton, heeft een omtrek van 8 meter en een diameter van 2,5 meter. De klok wordt alleen geluid bij heel bijzondere gelegenheden, mede omdat dit een bijzonder zwaar werk is. Er zijn zeker 8 mensen nodig om de klok in beweging te krijgen. Verder kun je een kijkje nemen bij het hoogaltaar, de grafmonumenten, diverse kapellen, de crypte en het orgel.

Praktische informatie

In het hoogseizoen is Wawel geopend van 9:00 uur tot 17:00 uur op maandag tot en met vrijdag. Buiten dit seizoen gelden er kortere openingstijden. Het grootste gedeelte van de kathedraal is gratis te bezoeken. Alleen voor het betreden van de graftombes moet een kaartje van 12 zloty worden gekocht. De toegangskaartjes zijn verkrijgbaar bij het ticketbureau op de heuvel zelf.

Krakau en Wawel staan niet voor niets vermeld op de UNESCO-lijst van cultureel en natuurlijk erfgoed en zijn een bezoekje meer dan waard. Nog even als laatste: bang zijn voor de draak is absoluut niet nodig!

Share: