Het Hongaarse Parlementsgebouw ligt langs de Donau in Pest. Ondanks het feit dat het werd gebouwd in een periode dat Hongarije nog onder Oostenrijkse invloed stond, is het prachtige bouwwerk het symbool van de Hongaarse onafhankelijkheid geworden. De Hongaarse regering houdt hier regelmatig zitting en belangrijke staatshoofden en andere hoogwaardigheidsbekleders worden hier door de Hongaarse president en ministers ontvangen.

Het imposante bouwwerk beheerst en groot deel van het gebied tussen de Kettingbrug en de Margitbrug. Aan de overzijde van de Donau is het parlementsgebouw in zijn gehele pracht en praal te bewonderen.

Wedstrijd

Na het Oostenrijks-Hongaarse compromis van 1867, waarin een dubbelmonarchie werd gecreëerd, kreeg Hongarije meer onafhankelijkheid en een eigen grondwet. Daar moest een eigen parlementsgebouw bij. En dus schreef Keizer Frans Jozef een wedstrijd uit en het neogotisch ontwerp van Imre Steindl, geïnspireerd door de Houses of Parliament in Londen, werd als winnaar gekozen.

Grootste

In 1885 werd begonnen met de bouw van het nieuwe Parlement. Zeventien jaar later, in 1902, was het klaar. En was het met een lengte van 268 meter en een breedte van 118 meter meteen het grootste parlementsgebouw ter wereld. Het monumentale bouwwerk heeft tien binnenhoven en bevat meer dan twintig kilometer trappen en 691 kamers. Het gebouw heeft 27 in een flamboyante stijl versierde torentjes. De indrukwekkende koepel, die van ver zichtbaar is, heeft een hoogte van 96 meter. Deze 96 meter is een verwijzing naar het jaar 896, het jaar waarin Magyaarse stammen zich in het gebied vestigden, wat uiteindelijk leidde tot de stichting van de huidige staat Hongarije.

De koepel

De voorgevel van het gebouw is magnifiek, verfraaid met 88 standbeelden van Hongaarse heersers, puntbogen en talloze grotesken, torentjes en gotische ornamenten. De koepel is door 2 grote en 20 kleinere torens omgeven. Op de randen staan 242 historische standbeelden. De monumentale trappen die naar de ingang voeren worden bewaakt door bronzen leeuwen.

40 Kilo bladgoud

Het is het duurste gebouw dat ooit werd gebouwd in Hongarije, en dat zie je van binnen nog beter dan van buiten. Het is er letterlijk alles goud dat blinkt: er is iets van veertig kilo bladgoud verwerkt in het interieur, plus een half miljoen halfedelstenen. Als room op het toetje werden de muren voorzien van schitterende fresco’s en beelden van beroemde 19e -eeuwse kunstenaars. Er is feitelijk geen plekje in het gebouw onversierd gelaten, tot en met de wc’s aan toe. In de beide zijvleugels van het in gotische stijl opgetrokken bouwwerk zijn de zittingszalen ondergebracht. Aan de zijde van de Donau bevinden zich lees-, gezelschaps- en eetzalen. De parlements-bibliotheek bevat 400.000 boeken.

Heilige kroon

De ronde koepelzaal herbergt beelden van Hongaarse monarchen en een verfijnd, bijna kathedraalachtig plafond. De kroningskroon en de koninklijke regalia worden hier tentoongesteld. De kroon werd oorspronkelijk aan Sint Stefanus gegeven voor zijn kroning in het jaar 1000. De heilige kroon, evenals een scepter, een rijksappel en een rijkszwaard, lagen oorspronkelijk in het Nationaal Museum, maar werden in 2000 naar hier overgebracht.

1989

In 1989 wapperde nog de communistische vlag voor het parlementsgebouw en was de koepelspits voorzien van een grote rode ster die ’s avonds verlicht was. Na de val van de muur werd alles wat aan het communisme verwant was, verwijderd. Sinds 1989 heeft Hongarije een nieuwe grondwet waardoor het parlement nu maar uit één kamer in plaats van twee bestaat. De nieuwe kamer, de Nationale Vergadering, zetelt nu in de zaal van het voormalige lagerhuis.

Koperen sigarenhouders

De eerste vergaderingen in dit parlement werden op 8 oktober 1902 gehouden. Een leuk detail om te zien zijn de koperen genummerde sigarenhouders bij de ingang. Tijdens de zittingen mochten de hoge heren niet roken, maar ieder parlementslid kreeg op de gang een eigen plekje voor zijn rokertje. Dit om te voorkomen dat iemand een goedkope sigaar neerlegde en later met een veel duurder exemplaar vertrok.

De entreeprijs bedraagt zo’n 8 euro en tickets zijn van te voren bestellen via Jegymester.

Share: